Subatomic Strangers

Ik doe weinig moeite om nieuwe, hedendaagse artiesten of bands te ontdekken. Ik was jong in de jaren zeventig en tachtig, en heb al het beste van het beste zien passeren toen het werd uitgebracht. Ik ben muzikaal voldaan, dank u, en ben ervan doordrongen dat de muziek van de toekomst, net zoals de planeet van de toekomst, nooit even goed, laat staan beter, zal worden dan die van het verleden.

Maar als ik de termen synthpop of new wave zie, en dan nog in combinatie met elkaar, dan spits ik mijn oren. Jonge bands die weten waar er lekkere mosterd te vinden is en daar een smakelijk broodje mee bereiden, daar wil ik wel even mijn gegeeuw voor onderdrukken. Zo ontdekte ik Subatomic Strangers, a Belgian female-fronted band from Roeselare, West-Flanders, zoals ze het zelf zo mooi op hun website omschrijven, in een regionaal magazine.

De single Enough Of You is prima. Op hun site staan nog enkele andere nummers, waarvan vooral Pretty Faces, met die gemeen klinkende zang, mij bekoort.

De videoclip van Enough Of You is nogal cliché – rennen tussen bomen, waar heb ik dat nog gezien? geef me vijf minuten en ik diep tien dergelijke clips op – maar het gaat om de muziek. Subatomic Strangers – goede naam trouwens – heeft potentieel. Ik ben benieuwd of dit viertal mijn honger naar meer zal aanscherpen.

Tsjolen in Roeselare

Toen ik zondagavond, na het literair event in de ontwijde Sint-Amandskerk te Roeselare, een andere deur van de kerk moest nemen dan bij het binnenkomen, en omdat het al donker was – het was rond kwart voor acht -, verdwaalde ik in de stad. Ik overdrijf. Ik wist niet meer hoe ik naar het Polenplein moest stappen waar mijn auto geparkeerd stond. Heet dat verdwaald zijn? Ja, misschien wel. Heb ik uren gedoold? Neen, hooguit een kwartiertje.

In dat kwartiertje werd ik geconfronteerd met een verregaand gebrek aan diversiteit. Het centrum van Roeselare is op een modale zondagavond quasi leeg en wie er rond loopt is – hoe moet ik dit nu zeggen zonder verkeerd begrepen te worden? – gekleurd. Nieuwe Belgen. Medemensen met allochtone roots. Zonder uitzondering jongens, in groepjes van drie à vijf man. Ik verbind daar geen conclusies of oordeel aan vast. Er is niets mis met op straat lopen. De straat is van iedereen en als de witte jongens liever naar de Planckaerts kijken dan op straat te tsjolen, dan is dat prima. Ieder zijn meug. Het viel mij gewoon op, meer niet.

Opnieuw overdrijf ik. Er was een uitzondering die de vaststelling bevestigt. Ergens liet een niet-gekleurd meisje – mag ik dat zeggen, niet-gekleurd, nu het woord blank taboe is, of hoe zit dat precies? – haar hond uit, in haar jurk, zonder jas aan. Moedig meisje, dacht deze half bejaarde bleekscheet. Dat moest ik helemaal niet denken natuurlijk. Maar toch dacht ik het. Toen ik het dolen welletjes begon te vinden, zag ik in de verte de raamverlichting van een take away pizzatent. Daar even de weg vragen, dacht ik. Ik schoot naar binnen en schrok me een hoedje. Ik stond oog in oog met een jongen die witter was dan ikzelf. Maar door dat schrikken haalde mijn wit het alsnog van zijn wit.

Hij wees mij in keurig West-Vlaams de weg naar het Polenplein en een dik kwartier later was ik nog net op tijd om te zien hoe Mageno Timmerman zijn eerste koers won.

Fototentoonstelling Roeselare: ik heb me vergist, ik ben toch geen luie fotograaf

Mijn foto’s zien hangen, allemaal samen, aan muren, en erover praten met mensen, en al pratend met mensen erover nadenken, heeft mij nieuwe inzichten gegeven over mijn eigen werk.

Ik noem mezelf graag een luie fotograaf. Dat is omdat ik mezelf graag neerhaal, omdat ik mezelf graag bespot, net zoals ik mezelf graag een luie dichter en schrijver noem. Ik zal uitleggen waarom ik geen luie fotograaf ben, integendeel, ik werk me de pleuris aan mijn beelden, maar omdat ik het graag doe, voel ik de inspanning niet. Wat een mens graag doet, kost geen energie, maar verschaft net energie.

Hoe heb ik het geleerd in de avondschool fotografie, waar ik zes jaar opleiding heb gevolgd? Wel, daar werd beweerd, en terecht, dat als je een foto maakt je er maar beter voor kunt zorgen dat die foto tijdens het schieten al zo goed mogelijk is, zodat je er achteraf niet te veel moet aan prutsen in Lightroom, Photoshop of gelijkaardige programma’s. Om die reden zeulen fotografen meestal een rugzak met body’s, lenzen, flitsers, filters, een groot statief, gorillapods enzoverder enzovoort met zich mee.

Een klassiek fotograaf neemt, laat ons zeggen, tweehonderd foto’s, gooit er daarvan honderdnegentig weg, op zicht, wegens onderbelicht, overbelicht, dubbelop, slechte compositie, storende elementen in beeld en noem maar op. Vervolgens worden de tien resterende door Lightroom en Photoshop gehaald. Hooglichten, schaduwen, helderheid, kleuren, contrast… worden bijgewerkt. De foto wordt rechtgetrokken en bijgesneden, vlekjes worden verwijderd, er wordt wat vignettering op gezet en klaar is kees. Veel fotografen hebben een hekel aan dat computerwerk en doen wat hen is geleerd, namelijk de foto meteen zo goed mogelijk schieten. Dit zijn de fotografen van de heldere, scherpe lijn, de prachtige realistische portretten, de adembenemende realistische natuurbeelden, de flitsende realistische sportfoto’s, de intrigerend realistische straatfotografie et cetera.

Ik maak dromerige, schilderachtige beelden zoals het onderstaande. Mijn twee fototoestellen zijn heel erg basic. Het tweede heb ik gekocht, alleen maar omdat het in een jaszak past. Ik heb geen extra materiaal bij me. Ik schiet foto’s en maak me niet druk om de kwaliteit van het geschoten beeld. Zonder mijn leesbril op kan ik op het display van mijn camera zelfs niet zien hoe goed of hoe slecht het beeld is, dat zie ik pas op het scherm van mijn pc. Ik heb voldoende pixels nodig voor een eventuele vergroting, maar de pure, schoolse fotokwaliteit zal mij worst wezen. Tot hier ben ik een luie fotograaf. Ik doe maar wat. Ik zie door het treinraam iemand wandelen langs de rails, ik zoom in en druk af. Maakt me niet uit of de trein rijdt of stilstaat, of mijn hand trilt of niet. Ik zie thuis wel wat ik heb verzameld en wat ik ermee kan aanvangen. Ik gooi ook veel weg, maar hanteer andere criteria dan klassieke fotografen. Te licht, te donker, onscherp, korrelig… zijn geen criteria om een foto weg te gooien, integendeel.

Daar waar de klassieke fotograaf na een kwartiertje computeren zijn resterende tien foto’s op orde heeft, begint voor mij dan pas het werk. Ik kijk naar een beeld dat ik gemaakt heb en vraag me af wat de mogelijkheden zijn om er iets van te maken. Veel is mogelijk, heel veel, te veel soms. Elke foto ontwikkelen tot een kunstwerkje is een odyssee, waarbij ik voortdurend moet kiezen welke weg ik insla. Ga ik voor deze bewerking of voor een andere? Kiezen is winnen of verliezen, en meestal de twee tezelfdertijd, of kan leiden tot een resem eindresultaten waaruit ik dan toch weer moet kiezen. Ik zeg wel eens dat ik schilder met mijn fototoestel, dat is larie natuurlijk, maar het klinkt zo mooi. Wat ik doe met mijn fototoestel kan elke kleuter die over twee handen beschikt. Wat ik werkelijk doe is digitaal ambachtswerk. De tijd die ik steek in een beeld, om het te leiden naar een bevredigend resultaat, is immens, maar omdat ik tijdens een scheppingsproces de klok niet in gaten houd, besef ik dat niet eens. Ik ben geen luie fotograaf, dat is bij deze rechtgezet.

Fototentoonstelling Roeselare: over halfweg

Nog tot en met de laatste dag van deze maand zijn in K-Trolle te Roeselare een 25-tal van mijn foto’s te zien. Cultuurcafé K-Trolle is open op vrijdag, zaterdag en zondag van 16u. tot zeker 23u.

Na drie van de vijf weekends mag ik zonder schroom verkondigen dat de tentoonstelling een succes is. Veel bezoekers en alleen maar positieve reacties.

Door de belichting op de werken is het niet eenvoudig om ze zonder reflectie te fotograferen. Toch een poging gedaan om deze drie te vangen.

Fototentoonstelling Roeselare: de waardevolle mening van de bezoeker

Mijn fototentoonstelling ‘Reality and beyond / De werkelijkheid voorbij’ is bijna halfweg. Twee weekends zitten erop, nog drie te gaan. Ik had aangename gesprekken met bezoekers. ‘Zijn dat foto’s?’ is een af en toe gestelde vraag. Maar de originaliteit van mijn werk wordt geprezen, dat mag ik zonder schroom zeggen. De commentaren zijn heel positief.

Het is schilderen met het fototoestel (en met de nabewerkingstechnieken) wat ik doe, ik kan het eigenlijk niet beter omschrijven. Paintography zou ik het willen noemen, maar die term bestaat al, al betekent het iets helemaal anders.

Bezoekers wijzen vaak spontaan hun lievelingsfoto’s aan. Dat mag, daar ben ik zeer blij om. Beach Cabins wordt heel dikwijls aangewezen. Het beeld is 90 op 60 cm groot. Mijn foto’s komen het best uit op groot formaat, vind ik zelf.

Fototentoonstelling Roeselare: K-Trolle

Dat mijn eerste grote expositie doorgaat in K-Trolle te Roeselare mag geen verrassing heten. Ik stond er al een aantal keer op het podium tijdens poëzieavonden ingericht door Obsidiaan. Noem K-Trolle geen kroeg, het is een cultuurcafé, de uitvalsbasis van een vzw die tal van activiteiten inricht. Neen, noem K-Trolle geen kroeg, kroeg doet denken aan lallende tooghangers en een vloer die plakt van het bier, en dat is K-Trolle helemaal niet. Je treft er een divers publiek aan.

De ruimte is bijzonder smaakvol ingericht. K-Trolle is een feest voor de ogen. Wat ik persoonlijk ook fijn vind, is dat K-Trolle groot genoeg is om er rustig plaats te nemen, zonder dat andere bezoekers in je rug beuken of in je nek ademen. Op frisse avonden brandt er een weldadig haardvuur. Behalve de uitgebreide drankenkaart is er ook een kleine menukaart.

Wie de website van K-Trolle bezoekt, komt op de homepagina terecht en ziet daar een kerel ietwat dromerig en somber de lens in kijken. Dat is Jurgen, de patron. Schrik niet als u tijdens uw bezoek aan K-Trolle wordt aangesproken door een goedlachse, kortgeknipte, baard- en snorloze, aardige vent met een twinkel in zijn ogen. U zult hem niet herkennen, maar het is dezelfde Jurgen. Hij en zijn team zullen u met alle egards ontvangen.

En in de bovenzaal hangen mijn foto’s.

Voor wie van ver komt, K-Trolle en mijn tentoonstelling zijn perfect te combineren met een bezoek aan het vernieuwde wielermuseum KOERS of een verkwikkende wandeling in het Provinciedomein Sterrebos met zijn prachtig kasteel. Wie graag shopt kan terecht in de nabijgelegen winkelstraten.

Welkom In Mijn Wereld —> oktober 2021

De tentoonstelling ‘Welkom In Mijn Wereld’ in cultuurcafé K-Trolle te Roeselare, die werd verplaatst van april naar december/januari, wordt om de gekende reden nogmaals verplaatst.

In samenspraak met Jurgen, de sympathieke patron van K-Trolle, is de keuze gevallen op de maand oktober, die vijf weekends telt.

Onderstaande flyer mag de pedaalemmer in. Er is nog tijd voor een nieuwe.

Guido Gezelle-matinee te Roeselare

IMG_20191130_180236Ik werk mee aan een Guido Gezelle-workshop en matinee op 30 november en 1 december te Roeselare. Op 30 november werken dichters aan door Gezelle geïnspireerde teksten, die worden gebracht op zondagmorgen 1 december in de K-Trolle. De dichters werd ook gevraagd om thuis een gedicht rond Gezelle te schrijven, wat ik heel doel- en plichtsbewust heb gedaan. Het mijne heet ‘De katte’ en zal ook worden gedebiteerd aanstaande zondagmorgen op de plaats van gebeuren. Op de foto v.l.n.r. uw dienaar naast Wim Vandeleene, Tania Verhelst, Lindah Nyirenda en Edward Hoornaert.