Ik lees… (4)

***** Marnix Peeters – De Trapchauffeur

**** Marnix Peeters – Zei mijn vrouw

***** Marnix Peeters – Niemand hield van Billie Vuist

In amper enkele weken tijd heb ik zo ongeveer het hele oeuvre van Marnix Peeters verorberd. Wat voor een copieuze genoegdoening is me dat geweest. Ik herhaal wat ik in mijn vorige post al kond deed: deze man kan ongelooflijk goed schrijven. En dat is het enige wat mij, lezer, interesseert. Een snelle blik werpend op enkele online recensies van zijn boeken, verbaast het me dat een aantal critici inhoudelijke argumenten hanteren om een eerder negatief oordeel te vellen, zoals bijvoorbeeld het argument dat Peeters een wereld beschrijft waar ‘vetzakkerij’ welig tiert. (Ik las ergens het woordje ‘scabreus’ – een prachtig woord overigens – en dat deed mij denken aan de recensie die Yves Joris ooit schreef over mijn bundel Het is fijn om van pluche te zijn. Hij noemt mijn gedicht ‘Clericum’ scabreus. Een compliment dat kon tellen.) Marnix Peeters? Ik ben fan!

Advertenties

Ik lees… (3)

***** Marnix Peeters – In elke vrouw schuilt haar moeder

***** Marnix Peeters – Natte dozen

***** Marnix Peeters – De dag dat we Andy zijn arm afzaagden

Reken maar dat ‘Ik lees… (4)’ eveneens werk van deze kerel zal bevatten. Ik wil alles van Marnix Peeters verslinden, want jezusmina, wat kan deze man schrijven.

Uitgeverij De Zeef

Het is altijd prettig om zien hoe nieuwe poëzie-initiatieven zich ontwikkelen. Zeker als die aandacht hebben voor talent van eigen bodem. Een van die bewonderenswaardige initiatieven is Uitgeverij De Zeef, een heuse poëzie-uitgeverij die is gegroeid uit Het Gezeefde Gedicht. In de bloemlezing De grote inkijk, een van de eerste publicaties van Uitgeverij De Zeef staan drie van mijn gedichten.