20 jaar dichter (9)

LICHAAM VAN CHRISTUS

Alle hagelwitte navels en egocentrische peniscentra nog aan toe. 
De zoon van de Heiland, een vooroorlogse David Copperfield
zonder impresario, deed zijn hocus pocus en fix trix ook alleen
maar voor pussy. Vraag dat maar aan Maria, Magdalena,
Anna, Carla, Nora, Zora, Rosa, Rita, Ria, Mia en tante Fabiola.

Stelt dit het christendom in een ander daglicht, Monseigneur? 

Bijlange niet, antwoordde de hulpbisschop zonder op te kijken,
en onvermoeibaar, met een kracht sterker dan zijn geloof, ging hij 
verder met het pletsen van zijn kardinaalsrode roede tegen de roze 
wangetjes van de misdienaars, die op hun knieën gezeten met devoot 
gevouwen handen aan één stuk door Lichaam van Christus prevelden.

Ik nam dit gedicht op in Het is fijn om van pluche te zijn uit 2012. Maar het gedicht is veel ouder. Ik was kwaad op mezelf omdat ik het niet eerder durfde te publiceren. Nu lijkt het geïnspireerd te zijn door de zaak-Vangheluwe, terwijl ik het al schreef jaren daarvoor.

Een gedicht waarin Jezus wordt voorgesteld als een man die middels zijn succesvol gegoochel de vrouwtjes binnendoet en daarmee zijn vertegenwoordigers op aarde inspireert om eveneens hun roede te kletsen tegen alles wat ze maar raken kunnen, het is eens wat anders dan een dichie waarin de mist in de bomen hangt of de zon ter kimme stijgt.

Ik zal er vast de Merendree-poëzieprijs niet mee winnen, maar het is wel telkens weer een plezier om een streepje vuigheid te schilderen op de vacht van de poëzie, die in haar meest miserabele vorm nog wolliger is dan een kudde schapen in de Schotse hooglanden die zo omvangrijk is dat zelfs de meest uitsloverige herdershond bij zichzelf denkt: dit gaat te ver, woef, dit zijn geen normale werkomstandigheden meer, woef, ik denk dat ik mij maar beter eens tot mijn vakbond wend, woef woef.

‘Fix trix’ komt uit een animatieserie die op tv kwam toen ik nog een kleine jongen was. Vermoedelijk Tsjecho-Slovaaks, je weet wel, met op het einde het woord ‘konec’ in beeld. Een eenvoudig tekenfilmfiguurtje werkte zich in elke aflevering in nesten, bevrijdde zich middels een slimmigheidje uit die nesten en zei toen ‘fix trix’ ofte ‘ik heb het met een trucje gefikst’.

Ik heb altijd beweerd dat poëzie zich niet moet inlaten met maatschappelijk engagement, dat de poëzie daarboven moet staan. In Het is fijn om van pluche te zijn zitten wél een aantal geëngageerde gedichten. Het bovenstaande is daar een voorbeeld van.

Met de bundel Het is fijn om van pluche te zijn had ik mijn toppunt van absurdisme, onnozelheid en recalcitrantie bereikt. Drie jaar later, in 2015, kwam Kaas treft geen schuld tot het tegendeel bewezen is uit. Op de cover staat een man met zijn rug naar de kijker gekeerd. Kaas … zou mijn laatste bundel worden, daar was ik van overtuigd. Die man moest dat symboliseren. Maar zoals we nu weten, het werd niet mijn laatste. In de volgende twee afleveringen ga ik dieper in op die zesde bundel Kaas treft geen schuld tot het tegendeel bewezen is.

===================

Advertentie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s